Logo Erasmus MC.
Topbalk beeld rechts.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst


De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Gynaecologische Oncologie


Vulvectomie: chirurgische behandeling van de vulva

Vulvectomie: chirurgische behandeling van de vulva


Binnenkort wordt u geopereerd in het gebied rondom de schaamlippen. We noemen dat een vulvectomie. Dit is een verzamelnaam voor het gebied van de schaamlippen, clitoris en het begin van de vagina, ofwel de schede. De medische term hiervoor is vulva. Uw behandelend arts vertelt u alles wat u wilt en moet weten over de operatie. Aanvullend bieden wij u informatie over allerlei onderwerpen rond de operatie. Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, neem dan gerust contact met ons op.

Voorbereiding


Pre-operatieve screening en anesthesie


Voordat u wordt geopereerd, krijgt u een verwijzing naar de POS, ofwel de polikliniek Pre-Operatieve Screening. Hier wordt bekeken hoe uw gezondheidstoestand is, welke operatierisico’s u eventueel loopt en welke verdoving (anesthesie) het meest geschikt is. Meer informatie hierover vind u in de folder Op de preoperatieve polikliniek.

Gesprek met de verpleegkundige gynaecologische oncologie


Op de polikliniek heeft u een gesprek met de oncologieverpleegkundige. Zij stelt u vragen en verzamelt gegevens die van belang zijn voor uw ziekenhuisopname. Met haar kunt u ook praten over gevoelens en emoties die met uw ziekte te maken hebben. De oncologieverpleegkundige is uw aanspreekpunt rondom de operatie en de periode daarna.

Maatschappelijk werk


Als u graag contact wilt met een van onze maatschappelijk werkers dan kunt u voor de opname al kennismaken. De maatschappelijk werker kan u en uw familie begeleiden en ondersteunen bij het verwerken van uw ziekte. Ook kan de maatschappelijk werker informatie en advies geven over de praktische gevolgen van uw ziekte.

Niet scheren


Om infecties van de operatiewond te voorkomen is het belangrijk dat u het operatiegebied niet scheert. Scheren kan kleine wondjes veroorzaken die soms met het blote oog nauwelijks zichtbaar zijn. Deze wondjes verhogen de kans op het ontstaan van infecties van de operatiewond. Dit kan een reden zijn om uw operatie uit te stellen. Als uw arts het nodig vindt om lichaamshaar te verwijderen, dan gebeurt dit op de operatiekamer.

De dag voor de operatie


Op de de dag voor de operatie wordt u opgenomen op de verpleegafdeling gynaecologie, gebouw Nf op de 12e etage. De totale opnameduur is moeilijk te voorspellen, maar is gemiddeld 5 dagen afhankelijk van uw herstel en wondgenezing.

Gesprekken en onderzoeken


Klysma


Voor de operatie moet het laatste stuk van de darm leeg zijn, daarom krijgt u op de avond voor de operatie een klysma.

Steunkousen


Wanneer ook de liesklieren worden verwijderd, krijgt u witte steunkousen (TED-kousen). Deze steunkousen draagt u 4 weken lang dag en nacht.

Voorkomen van trombose


Door de operatie en omdat er (mogelijk) sprake is van kanker, heeft u een verhoogd risico op het ontwikkelen van bloedpropjes (trombose). Daarom krijgt u na de operatie dagelijks een injectie onder de huid, om trombose te voorkomen. Vrouwen die een uitgebreide operatie aan de lies ondergaan, een lieskliertoilet, gaan hier ook thuis nog tot 4 weken na de operatie mee door. Tijdens de opname leren wij u of een van uw naasten hoe de injecties gegeven moeten worden.

Over de operatie


Wat we gaan doen


Een radicale vulvectomie is een operatie die wordt uitgevoerd bij patiënten met (mogelijke) schaamlipkanker. Bij de operatie verwijderen we de afwijking met een stukje ‘normale’ huid eromheen. Soms is het nodig om de clitoris, een stukje van de urinebuis, een deel van de vagina of de kringspier van de anus te verwijderen. Ook de schildwachtklieren uit een of beide liezen worden soms verwijderd. Hiervoor gebruikt de gynaecoloog de schildwachtkliermethode (zie hieronder). Als dat niet mogelijk is, worden alle lymfeklieren uit een of beide liezen verwijderd. Dat heet een liesklierdissectie of lieskliestoilet (zie hieronder).

Doel van de operatie


Het doel van de operatie is het weghalen van kankercellen.

Duur van de operatie


De operatie duurt 2 tot 4 uur.

Schildwachtkliermethode


De schildwachtkliermethode passen we alleen toe als op de echo van uw liezen geen aanwijzingen zijn gezien voor zieke klieren in de lies. De schildwachtklier is de lymfeklier die als eerste het lymfevocht uit de tumor opvangt. Als de tumor uitzaait, is dat als eerste naar de schildwachtklier. De schildwachtklier is geen specifieke lymfeklier. Welke lymfeklier de schildwachtklier is, verschilt per tumor en plek van de tumor. Dit kan ook per persoon verschillen. Andere woorden voor schildwachtklier zijn poortwachterklier of sentinel node. Door de schildwachtklier(en) op te sporen, te verwijderen en te onderzoeken kunnen we heel kleine uitzaaiingen in een vroeg stadium ontdekken.

Lieskliertoilet


Bij een lieskliertoilet verwijderen we alle lymfeklieren uit de lies. Dat doen we omdat bijvoorbeeld bij een eerste operatie een uitzaaiing is gevonden in een van de schildwachtklieren. Ook de grootte van de tumor kan het noodzakelijk maken dat we alle klieren verwijderen.
Na het lieskliertoilet plaatsen we een drain (een slangetje), om zo het wond- en lymfevocht af te voeren. Wanneer er nog veel wondvocht is, gaat u met de drain naar huis.

De dag van de operatie


In de ochtend brengen wij u naar het specialisme nucleaire geneeskunde voor de schildwachtklierprocedure (zie hierboven). Op 4 plekken rond de tumor wordt een beetje radioactieve speurstof ingespoten.

De operatie


Let op: u mag geen sieraden, piercings, make-up of hoofddeksel dragen. Ook zet u uw bril af en doet u eventuele contactlenzen en kunstgebit uit.

In de operatiekamer staat een team van artsen en operatieassistenten voor u klaar.

Na de operatie


Naar de uitslaapkamer en daarna


Pijnbestrijding
Na de operatie krijgt u pijnbestrijding om ervoor te zorgen dat u pijnloos kunt bewegen, hoesten en goed kunt doorademen. Dit is belangrijk om complicaties, zoals longproblemen en trombose, te voorkomen. Bovendien kost pijn energie, die u hard nodig heeft voor uw herstel. Waarschuw de verpleegkundige als u pijn heeft en wacht daarmee niet tot de pijn onhoudbaar wordt. Pijn voorkomen is in dit geval gemakkelijker dan pijn behandelen.

Onze ervaring is dat vrouwen na de operatie vaak minder pijn hebben dan voor de operatie. We hopen dat dat in uw geval ook zo is.

Groene urine
Bij een schildwachtoperatie wordt soms een blauwe kleurstof gebruikt om de schildwachtklier op te sporen. Die kleurstof wordt opgenomen in het bloed en uitgeplast. Als deze blauwe kleurstof wordt gebruikt, kan het zijn dat u na de operatie een beetje grauw ziet en dat de urine blauw-groen verkleurt. Dit kan geen kwaad.

Infuus
U heeft een infuus totdat u goed eet en drinkt en geen medicijnen meer krijgt via het infuus.

Blaaskatheter
Tijdens de operatie krijgt u een blaaskatheter: een dun slangetje in de blaas. De blaaskatheter zorgt voor een constante afvoer van urine naar de opvangzak naast uw bed.
Wonddrain
Als er lymfeklieren uit de lies zijn verwijderd, krijgt u een of meer drains. Dit is een slangetje dat vocht en bloed afvoert vanuit het wondgebied. Wanneer we de drain kunnen verwijderen, hangt af van de hoeveelheid vocht die uit de lies komt. Dit kan betekenen dat u bij ontslag uit het ziekenhuis nog steeds de drain(s) in uw lies heeft.

Wondverzorging
De wond in de lies wordt dagelijks 2 keer gecontroleerd.
Ontlasting
Als u op de derde dag na de operatie nog geen ontlasting heeft gehad, krijgt u een laxeermiddel of klysma.

Geestelijke verzorging
Als u dat wilt, komt een van onze geestelijk verzorgers bij u langs.

Mobiliseren


De eerste dagen na de operatie heeft u alle hulp nodig van de verpleegkundigen. Na een dag kunt u een aantal dingen grotendeels alweer zelf doen, zoals de verzorging van uw bovenlichaam.


Ontslag uit het ziekenhuis


Na de operatie duurt het lang voordat de wond is genezen en er is snel kans op complicaties. Daarom is professionele wondzorg noodzakelijk. In overleg met uw behandelteam kijken we wat wenselijk is: ontslag naar huis, of tijdelijk opname in een reactiveringscentrum, bijvoorbeeld Laurens Intermezzo Zuid.

Naar huis


Als u naar huis gaat, regelen wij dat iemand van een thuiszorgorganisatie bij u langskomt om de wond te verzorgen. Wij melden u aan voor het bezorgen van materialen die u nodig heeft voor de blaaskatheter en voor de wondzorg. Nabestellingen bij deze organisatie kunt u dan eventueel zelf doen.

Naar reactiveringscentrum Intermezzo


Intermezzo is een reactiveringscentrum in Rotterdam, bij het Zuidplein. De medewerkers van Intermezzo (verpleegkundigen en artsen) zijn speciaal opgeleid voor het verzorgen van vrouwen na een vulvectomie. Als dat nodig is, schakelt Intermezzo voor u een fysiotherapeut, een diëtiste of andere hulpverleners in. Afhankelijk van de voortgang van de wondgenezing, duurt de opname in Intermezzo gemiddeld tussen de 3 en 5 weken.

Leefregels


Conditie
Wellicht bent u sneller moe en kunt u minder aan dan u verwacht. Uw lichaam vertelt u wat u wel en niet kunt, luister naar uw lichaam! Stop als u moe wordt en gun uzelf voldoende rust.

Tillen
Tot 6 weken na de operatie mag u niet zwaar tillen. Dus niet sjouwen met boodschappentassen, stofzuigers, wasmanden of vuilniszakken. Lichte werkzaamheden kunt u geleidelijk aan weer doen.

Sporten

Tot 6 weken na de operatie mag u niet intensief sporten. Als u geen klachten heeft, mag u natuurlijk wel steeds meer doen.

Baden/douchen
Douchen mag elke dag. Zwemmen of in bad mag pas als de wond is genezen.

Fietsen
Pas na overleg met uw gynaecoloog mag u fietsen. Een ander zadel (een gelzadel of een rokzadel) helpt veel vrouwen om met meer plezier te fietsen en het langer vol te houden.

Autorijden
Tot 6 weken na de operatie mag u niet autorijden.

Werken
Overleg met uw werkgever en de arbo-arts wanneer u weer kunt gaan werken.

Afscheiding

De eerste tijd na de operatie verliest u waarschijnlijk wondvocht. Gebruikt u daarvoor opvangmateriaal zonder plastic, zoals de verbanden die u krijgt voorgeschreven. Als de wond goed is genezen, wordt het wondvocht meestal minder.

Vrijen
Door alles wat er is gebeurd en door de diagnose kan de seksualiteit veranderen. Het moment waarop u weer wilt vrijen, bepaalt u zelf. Bij twijfel of angst kunt u hierover praten met de oncologieverpleegkundige of de gynaecoloog. Als u voor de operatie nog ongesteld was dan heeft de operatie daar geen effect op. We adviseren u in dat geval voorbehoedsmiddelen te gebruiken.

Elastische kousen en tromboseprik
Wij raden u aan om de eerste 4 weken na de operatie de elastische kousen te dragen. U krijgt voor de eerste 4 weken ook een recept voor de anti-trombose injecties.

Polikliniekbezoek voor wondzorg en uitslag van het weefselonderzoek


Wondzorg
Totdat de wond bijna is genezen, komt u iedere week of om de week naar onze polikliniek. De wondverpleegkundige en de gynaecoloog beoordelen dan de wond en de wondgenezing. Eventueel passen ze de wondbehandeling aan. U komt met eigen vervoer naar het ziekenhuis.

De uitslag
De patholoog onderzoekt het weefsel dat bij de operatie is weggehaald onder de microscoop. Ongeveer 2 weken na de operatie bespreekt de gynaecoloog de uitslag met u en uw partner, en eventueel andere door u gewenste personen. Bij dit gesprek is een verpleegkundige aanwezig. Later kunt u altijd met de verpleegkundige praten over wat tijdens het gesprek is gezegd.

De poliafspraak krijgt u per post of u krijgt de afspraak mee als u met ontslag naar huis gaat. Vraag uw partner en/of iemand anders die u na staat om bij het gesprek aanwezig te zijn.

Bijwerkingen en complicaties


Plassen
De afvoergang van de blaas ligt in het operatiegebied. Daarom kan de richting van de straal en de manier waarop u plast na de operatie veranderd zijn. Hier moet u, vooral in het begin, aan wennen. Sommige vrouwen hebben na de operatie last van urineverlies. Dat kan tijdelijk of blijvend zijn. Praat hierover met uw gynaecoloog.

Lymfoedeem
Het kan zijn dat u last krijgt van opgezwollen benen door vochtophoping (lymfoedeem). Elastische kousen kunnen dan steun geven. Wellicht is een behandeling bij de lymfoedeemtherapeut nodig. Praat hierover met uw gynaecoloog. Samen kunt u kijken wat nodig is.

Seksualiteit
Veel vrouwen hebben al langer pijn, en bijvoorbeeld last van irritatie en jeuk, voordat ze worden geopereerd. Deze langer bestaande huidafwijkingen, de kanker en de operatie kunnen allemaal grote gevolgen hebben voor de seksualiteit. Na de operatie is vrijen vaker moeizaam omdat de wondranden stug worden door littekenweefsel. De beleving van seksualiteit na deze operatie is voor iedere vrouw verschillend. Vooral de zin in vrijen kan een lange periode afwezig of minder zijn. Intimiteit, genegenheid en knuffelen zijn in deze periode belangrijk. Het is belangrijk dat u met uw partner praat over uw gevoelens. Problemen rond seksualiteit kunt u altijd bespreken met de behandelend gynaecoloog of de oncologieverpleegkundige op de poli.

Zitten

Vlak na de operatie kan zitten pijnlijk zijn, een kussentje kan dan helpen. Gebruik géén windring (een soort zwemband om op te zitten), speciale foamkussens mogen wel. U mag maximaal 3x per dag 30 minuten zitten.

Wanneer contact opnemen?


U neemt direct contact met ons op bij:
In al deze gevallen, en als u iets niet vertrouwt, neemt u contact op met de verpleegafdeling gynaecologie Nf 12. Als de operatie langer dan 6 weken geleden is, neemt u contact op met de oncologieverpleegkundige of uw huisarts. De telefoonnummers van het ziekenhuis staan hieronder, onder het kopje Contact.

Wetenschappelijk onderzoek


In het Erasmus MC wordt veel wetenschappelijk onderzoek gedaan. Het kan zijn dat wij uw medewerking vragen voor een onderzoek in studieverband. Ook bewaart het Erasmus MC restmateriaal (lichaamsweefsel, bloed en dergelijke) dat niet meer nodig is voor uw eigen behandeling of onderzoek. Dit restmateriaal wordt eventueel gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek, tenzij u dat niet wilt (zie ook de folder Restmateriaal voor medisch-wetenschappelijk onderzoek).

Heeft u nog vragen?


Vragen stelt u tijdens de polikliniekcontrole aan uw gynaecoloog-oncoloog. Ook kunt u altijd contact opnemen met de oncologieverpleegkundige.

Aanvullende informatie


Folders


Instanties en websites


Kanker.nl
Informatieplatform en sociaal netwerk voor (ex-)patiënten en naasten.
(0800) 022 66 22
www.kanker.nl
contact@kanker.nl

Patiënteninformatiecentrum Oncologie (PATIO)
Zimmermanweg 5, Rotterdam
(010) 704 12 02
www.erasmusmcpatio.nl
patio@erasmusmc.nl

Stichting OLIJF
Netwerk van vrouwen met gynaecologische kanker
Postbus 1478, 1000 BL Amsterdam
(020) 303 92 92
olijf@olijf.nl

Nederlandse Kankerbestrijding (KWF)
Sophialaan 8, 1075 BR Amsterdam
(0800) 022 66 22 Hulp- en informatielijn
www.kankerbestrijding.nl

Nederlandse Lymfoedeem Netwerk

Postbus 723, 2003 RS Haarlem
www.lymfoedeem.nl
info@lymfoedeem.nl

IPSO Instellingen PsychoSociale Oncologie (inloophuizen)
Bunuellaan 1, 1325 PP Almere
06 38 82 35 97
www.ipso.nl
info@ipso.nl

Stichting OOK (Optimale Ondersteuning bij Kanker)
Maasstadweg 90, 3079 DZ Rotterdam
(010) 292 36 10
www.stichting-ook.nl
info@stichting-ook.nl

NVFL (Nederlandse vereniging van fysio- en lymfoedeemtherapeuten)
www.nvfl.nl

Contact


Erasmus MC
(010) 704 0 704

Kliniek gynaecologie

(010) 703 33 46

Polikliniek gynaecologische oncologie

(010) 704 02 51

Oncologieverpleegkundige/casemanager

06 30 96 05 00

Laurens Intermezzo Zuid
Motorstraat 110, 3083 AP Rotterdam
(010) 332 10 00


Foldernummer: 5818813-06_20


Deze website maakt gebruik van cookies. Lees onze cookieverklaring .
Gezien