Logo Erasmus MC.
Topbalk beeld rechts.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst


De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Urologie (oncologisch)


Ureterocutaneostomie

Ureterocutaneostomie


Een ureterocutaneostomie is een kunstmatige uitgang (opening) in de buikwand. Wij leggen u graag uit wat u van de operatie kunt verwachten en welke voorbereidingen nodig zijn.

Urineafleiding door ureterocutaneostomie


Bij deze methode wordt de urineleider in uw buikhuid gehecht. Via deze opening komt de urine naar buiten toe. Om deze opening open te houden, wordt er tijdens de operatie een heel dun kathetertje ingebracht en opgevoerd tot het nierbekken (de zogenaamde splint). Omdat de urine op elk moment uit de stoma kan lopen, krijgt u een kunststof zakje op uw buik geplakt om de urine in op te vangen.

Een ureterocutaneostomie is nodig als:

Voorbereiding


Voorafgaand aan de opname krijgt u een afspraak op de stomapoli. Hier wordt gekeken wat de beste plek op uw buik is voor de stomie. Deze plaats wordt dan gemarkeerd door middel van een kleine tatoeage.

Ook krijgt u informatie over de verzorging van deze stomie (urineafleiding) en wat dit betekent voor het dagelijkse leven. De stomaverpleegkundige laat u ook het stomamateriaal zien (het urinezakje) en geeft u uitleg over het gebruik hiervan.

Opname
U wordt een dag voor de operatie opgenomen door de verpleegkundige en de dienstdoende arts. U krijgt een klysma. Meer over het verloop van de opname en wat u nodig heeft tijdens het verblijf in de kliniek leest u in ‘wegwijs in de kliniek’ of op www.erasmusmc.nl.

Nuchter zijn
U moet voor de operatie nuchter zijn, dat wil zeggen dat u niets mag eten, drinken of roken. Dit is op de dag van de operatie vanaf 24 uur ’s nachts.

Fraxiparine
Om trombose te voorkomen, krijgt u tijdens de opname en tot 4 weken na de operatie dagelijks een injectie Fraxiparine (bloedverdunnende medicatie) om de kans op het ontstaan van een trombosebeen te verlagen.

Over de operatie


De anesthesie (narcose), de soort snede die wordt gemaakt en de duur van de operatie hangen af van de zwaarte van de ingreep en met welke techniek er wordt geopereerd. Tijdens de operatie bent u onder algehele anesthesie. Het aanleggen van een ureterocutaneostomie wordt vaak gecombineerd met andere ingrepen. Wanneer er in de blaas een kwaadaardige tumor zit, moet ook de blaas worden verwijderd.

Verloop van de operatie


In de operatiekamer scheren wij de huid waar geopereerd wordt. De chirurg hecht de urineleider die van de blaas is losgemaakt in de buikwand. De urineleider komt zo naar buiten als een klein stoma. In de urineleider wordt een katheter (een dun kunststof slangetje, splint genoemd) achtergelaten en via de buikwand naar buiten geleid. U krijgt ook een wonddrain (een dun buisje om wondvocht af te voeren) die we via de buikwand naar buiten leiden. Deze mag er na 2 dagen uit.

Na de operatie


U blijft ongeveer 5 dagen in het ziekenhuis. Dit hangt voornamelijk af van hoe snel u herstelt en of er eventueel bijkomende complicaties ontstaan. Na de opname verblijft u nog een week in het revalidatiecentrum Laurens Intermezzo om de stap naar huis kleiner te maken.

Leefregels

Poliklinische controles


U blijft poliklinisch onder controle bij het Blaaskankercentrum van het Erasmus MC Kanker Instituut. De splint verwisselen wij ongeveer om de 6 à 8 weken. Op de dag van de wissel van de splint moet u antibiotica innemen. De arts zal de antibiotica aan u voorschrijven.

Aandachtspunten splint


Controleert u dagelijks de afloop van de splint. Loopt de urine nog goed door? Zit de splint nog op zijn plek? Is hij niet uitgezakt? Als dat zo is moet u altijd met de polikliniek van het Blaaskankercentrum bellen op nummer 010-7040251. Als de splint gedeeltelijk of helemaal is uitgezakt, mag u nooit zelf de splint terugplaatsen.

Bijwerkingen en complicaties


Complicaties komen vaker voor bij patiënten die eerder een bestraling van de buik hebben gehad. Het aantal complicaties is ook hoger bij mensen boven de 70 jaar. Complicaties kunnen zijn:

Wanneer contact opnemen?

Meer informatie


Deze informatie beschrijft de algemene procedure en is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Heeft u na het lezen behoefte aan meer informatie neemt u dan contact met ons op.


Contact




Foldernummer: digi-07_19


Deze website maakt gebruik van cookies. Lees onze cookieverklaring .
Gezien