Logo Erasmus MC.
Topbalk beeld rechts.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst
PiMS folder informatie logo

Longgeneeskunde

Longoperatie

Longoperatie

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door
Een longoperatie is een ingrijpende gebeurtenis. Daarom hebben we informatie over de longen en over longaandoeningen waarvoor een operatie nodig kan zijn, voor u op een rij gezet. Ook beschrijven we de gang van zaken rond een longoperatie, zodat u weet u wat u kunt verwachten en u zich goed kunt voorbereiden. Bedenkt u wel dat niet elke patiënt en niet elke operatie eender is: elke behandeling is verschillend, afhankelijk van de aandoening.

De longen


De rechter- en linkerlong bevinden zich in de borstkas, aan weerszijden van het hart. Het gebied tussen de longen heet het ‘mediastinum’. Hierin liggen het hart, de luchtpijp, de slokdarm, bloedvaten (onder andere de grote lichaamsslagader), zenuwen, lymfeklieren en lymfevaten.



Waarom een longoperatie?


Een longoperatie kan nodig zijn:
Diagnose
Voordat uw (long)arts een operatie voorstelde, heeft u al verschillende onderzoeken ondergaan. De diagnose (de aard van de aandoening) is meestal wel bepaald, maar is niet altijd al definitief. Voor de operatie plaatsvindt, moeten we echter zeker zijn van de diagnose. Daarom doen we meestal tijdens de operatie een zogenoemd 'vries'-onderzoek. Hierbij neemt de thoraxchirurg een stukje weefsel uit uw long, dat direct wordt ingevroren en naar de patholoog gebracht. De patholoog (een arts die weefselonderzoek verricht) bekijkt meteen onder de microscoop om wat voor weefsel het gaat en geeft dit door aan de thoraxchirurg die u aan het opereren is. Het komt ook wel voor dat de diagnose pas definitief is nadat een hele long of longkwab met de afwijking erin is verwijderd en ná de operatie nauwkeurig is onderzocht.

Longkanker
Bij de meeste vormen van longkanker bekijkt de behandelend arts in eerste instantie of een operatie mogelijk is. In sommige gevallen adviseert hij om vóór een longoperatie chemotherapie en/of bestraling te geven. Wanneer sprake is van longkanker zijn de onderzoeken vooraf erop gericht om vast te stellen of het kankerproces in zijn geheel kan worden weggenomen. Vaak voert de thoraxchirurg voorafgaand aan de longoperatie nog een kijkoperatie (mediastinoscopie) uit om er zeker van te zijn dat er geen uitzaaiingen zijn rond de luchtpijp.

Andere factoren
Bij de beslissing of u een grote longoperatie kunt doorstaan, kijken we ook naar uw algemene lichamelijke conditie en de naar de functie van de overblijvende long(en): houdt u wel genoeg lucht over om te kunnen ademen?

Zijn andere behandelingen mogelijk?


Of andere behandelingen voor u mogelijk zijn, bespreekt u met uw arts. Uiteraard is dat afhankelijk van de bij u gestelde diagnose. U kunt eventueel besluiten af te zien van de u voorgestelde operatie. Uw arts respecteert uw besluit en blijft u alle noodzakelijke medische zorg en begeleiding geven.

Wat u over de operatie moet weten


Het operatieplan ligt van tevoren meestal vast, maar soms blijkt tijdens de operatie dat van dat plan moeten afwijken.
Dat kan het geval zijn:
Ondanks alle vooronderzoeken kunnen dit soort wijzigingen altijd voorkomen. U moet goed weten dat de operatie anders kan verlopen dan u met uw behandelend arts heeft besproken. Na de operatie vertelt de thoraxchirurg u precies wat hij heeft gedaan.

Over de operatie


De operatie vindt plaats onder algehele anesthesie (narcose). Vóór de operatie brengt de anesthesist vaak een zeer dun slangetje (epiduraalkatheter) in de rug aan (de ruggenprik), waardoor we tijdens en na de operatie pijnstillers kunnen geven.

Wat we gaan doen


Inventarisatie
Na de inventarisatie
De thoraxchirurg besluit of de aandoening met het omringende weefsel kan worden verwijderd. Dit kan zijn:
  • de complete long zijn (pneumectomie of pneumonectomie);
  • 1 of 2 kwabben (lobectomie);
  • enkele segmenten ofwel delen van een kwab (segmentresectie).
Een enkele keer opereert de thoraxchirurg door het midden van de borstkas, waarbij het borstbeen wordt geopend, zoals bij een hartoperatie. Op deze manier kunnen beide longen tegelijk worden geopereerd.

Drains
De thoraxchirurg laat, voor het sluiten van de wond, 1 of 2 afvoerslangen (drains) achter in de borstholte. Deze drains zijn aangesloten op een afzuigsysteem waardoor bloed en lucht uit de borstholte worden afgevoerd. Na een aantal dagen mogen de drain(s) er weer uit.

Bijwerkingen en complicaties


Bij elke ingreep bestaat een kans op complicaties. Ook bij longoperaties zijn er de normale risico’s die horen bij een operatie, zoals trombose, longontsteking, nabloeding of wondinfectie.

Bij een longoperatie kunnen daarnaast specifieke complicaties voorkomen:

Na de operatie


  • De eerste dag blijft u op de intensive care.
  • Waarschijnlijk gaat u in de middag of avond terug naar het specialisme thoraxchirurgie.
  • We bestrijden de pijn zo goed mogelijk.
  • U kunt zelfstandig blijven ademen. Beademing is zelden nodig.
  • Vóór en na de operatie helpt de verpleegkundige u bij het op de goede manier ademhalen en slijm ophoesten. Als dat nodig is, schakelen we een fysiotherapeut in.
  • De epiduraalkatheter in de rug voor de pijnbestrijding tijdens en na de operatie verwijderen we indien mogelijk na 3 of 4 dagen.
  • De borstwand aan de kant van de operatie kan nog wel ongeveer 3 maanden pijnlijk blijven. Met pijnstillers kunt u de pijn onder controle houden.

Het resultaat


Door het wegnemen van de long of een gedeelte daarvan, ontstaat lege ruimte in de borstkas. De borstkas zal hierdoor iets kleiner worden aan de kant van de longoperatie.
Wat u wel en niet kunt na de operatie is vooral afhankelijk van:
Sommige patiënten ondervinden tijdens hun dagelijkse bezigheden hinder na het wegnemen van (een gedeelte van) een long. Ze merken dat ze moeilijker ademhalen in bepaalde weersomstandigheden, zoals vochtig weer, felle koude of veel wind. Een verminderde longinhoud kan ook zorgen voor minder uithoudingsvermogen dan vroeger.

De uitslag


Het duurt ten minste 5 tot 7 werkdagen voordat de definitieve uitslag van het weefselonderzoek bekend is. De thoraxchirurg of de longarts bespreekt dit met u in de kliniek, of poliklinisch als u al met ontslag bent. Tijdens dit gesprek is ook aandacht voor het resultaat van de operatie, voor eventuele nabehandeling en voor de vooruitzichten.

Vragen?


Stelt u eventuele vragen gerust aan uw arts en/of thoraxchirurg, of aan de verpleegkundige. Zij helpen u graag!

Contact


Polikliniek longgeneeskunde en poli longfunctie: (010) 704 05 62.
Bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 - 16.30 uur,
e-mail: poli.longziekten@erasmusmc.nl

Kliniek longgeneeskunde: (010) 703 53 49, u krijgt een keuzemenu.



Foldernummer: 6036074-01_18


Deze website maakt gebruik van cookies. Lees onze cookieverklaring .
Gezien