Logo Erasmus MC.
Topbalk beeld rechts.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Gynaecologische Oncologie


ERAS protocol

ERAS protocol

Sneller herstellen na een gynaecologische buikoperatie


Het ERAS (Enhanced Recovery After Surgery) protocol is een versneld herstelprogramma. Dit zorgprogramma brengt alle factoren samen die een positieve invloed hebben op uw herstel na een operatie. Hierdoor zorgt het voor een sneller en beter herstel. Een sneller herstel betekent dat u eerder naar huis kunt.

Over het zorgprogramma


Het zorgprogramma richt zich op herstel na een gynaecologische buikoperatie. De operaties die hierbij horen zijn: debulkingsoperatie, proeflaparotomie, stageringsoperatie, Wertheim-operatie, abdominale uterusextirpatie, abdominale adnexextirpatie en abdominale myoomenucleatie.

movesmoke
foodmedicinebreathe

De belangrijkste elementen zijn:

Waarom is dit zorgprogramma belangrijk voor u?


Door direct na de operatie weer normaal te eten en drinken zorgt u ervoor dat u zo min mogelijk energie verliest. Het is het beste als u op de dag van de operatie weer iets eet.

Door snel weer te gaan bewegen zorgt u voor een sneller herstel, minder gewichtsverlies en minder complicaties (zoals een longontsteking of darmproblemen). Het is het beste als u de dag na uw operatie al uit bed gaat om te bewegen.

Met het ERAS-herstelprogramma herstelt u sneller en kunt u dus waarschijnlijk ook eerder naar huis. Hierdoor is het risico op een infectie of trombose ook lager.

Voor de operatie


Voor de operatie geeft uw arts of uw verpleegkundige u informatie over het ERAS protocol. We zullen u uitleggen wat u zelf kunt doen om het herstelproces zo goed mogelijk te laten verlopen.

Beweging


move2De weken voor de operatie is het belangrijk om goed in beweging te blijven. Probeer dagelijks minstens een uur een activiteit te doen, die ervoor zorgt dat uw conditie goed blijft. Merkt u bij het inspannen dat uw hart iets sneller klopt en dat u wat sneller ademhaalt, dan bent u goed actief bezig!



Activiteiten die u kunt doen zijn:
U kunt er ook altijd voor kiezen om intensievere trainingen te doen.

Stoppen met roken


smoke2
Het is erg belangrijk dat u voor de operatie stopt met roken. Roken zorgt voor een een zuurstoftekort waardoor de wond slechter geneest. Wij adviseren u ten minste 4 weken voor de operatie te stoppen met roken en dit vol te houden totdat uw wond goed genezen is. Het is voor u het beste als u helemaal niet rookt.

Als het een week voor de operatie nog niet gelukt is te stoppen met roken, dan raden wij u af het nog langer te proberen. Het is voor uw herstel namelijk niet goed als u op dat moment ontwenningsverschijnselen heeft.

Voeding


food2

Op de polikliniek beoordelen we uw voeding aan de hand van een aantal vragen. We weten dat uw herstel beter verloopt als u voor de operatie voldoende en gezond eet. Daarom vragen wij hiernaar op de polikliniek. Als het nodig is, verwijzen wij u voor extra advies naar een dietist.
De dag voor de operatie mag u gewoon eten en drinken.

Ademhalingsoefeningen


breathe



1. Maximaal inademen en adem vasthouden.
De oefening heeft u gekregen om longproblemen te voorkomen of te behandelen.

Het is verstandig om in de weken voor de operatie minimaal 1 keer per dag deze oefening te doen.
Tijdens uw opname gaan wij u stimuleren om dit minimaal 3 keer per dag te doen.


Oefening:

Variatie: probeer of er meer lucht bij kan ("bijsniffen").

2. Huffen
Deze oefening voert u uit tijdens uw opname. Deze oefening voert u tijdens uw opname uit en is gericht op het ophoesten van slijm uit de longen. Doe de oefening het liefst elke 2 uur.

Oefening:Merkt u dat er slijm in uw longen zit, herhaal de oefening dan tot u het slijm kunt ophoesten om hierna uit te spugen of door te slikken.

Variatie: Door te varieren met de diepte en kracht van uw ademhaling kunt u slijm vaak makkelijker ophoesten.

3. Hoesten
Deze oefening voert u uit tijdens uw opname. Deze oefening is gericht op het controleren en eventueel verwijderen van slijm uit de longen, doe dit liefst elke 2 uur.

Oefening:
Geef bij uw verpleegkundige aan of deze ademhalingsoefeningen pijnlijk voor u zijn.

Dag van de operatie


Tot 6 uur voor de operatie mag u eten en drinken, daarna mag u niet meer eten. Tot 2 uur voor de operatie mag u nog wel heldere vloeibare dranken drinken (zoals water en thee). Bij uw opname geven we u een koolhydraatrijke (energierijke) drinkvoeding. Het is belangrijk dat u deze twee uur vóór uw operatie neemt. Vanaf twee uur voor de operatie mag u niet meer drinken.

Let op: wanneer u suikerziekte heeft mag u deze drinkvoeding niet gebruiken.

Tijdens de operatie


Bij de operatie wordt u onder narcose (algehele anesthesie) gebracht samen met een ruggenprik (epidurale katheter). De anesthesioloog bespreekt dit met u tijdens het preoperatieve spreekuur op de polikliniek. Een epidurale katheter is een dun slangetje dat we vlak voor de operatie tussen uw ruggenwervels plaatsen. Met de epidurale katheter verdoven we uw onderlichaam tijdelijk.


Na de operatie


Bijwerkingen van morfine, zoals sufheid en het stilvallen van de darmwerking komen daardoor minder vaak voor. Hierdoor kunt u na de operatie sneller weer eten en drinken. Meestal verwijderen we de epidurale katheter twee dagen na de operatie. We gebruiken zo min mogelijk drains en maagsondes.

U krijgt drie keer per dag een laxeermiddel om uw darmen op gang te helpen en verstopping te voorkomen.

Medicijnen


med2

Voor een goed herstel is optimale pijnbestrijding erg belangrijk. We zullen met de beste methoden ervoor zorgen dat u zo min mogelijk pijn heeft.

Na de operatie geven we u pijnstilling via de epidurale katheter. Ook geven we u vier keer per dag twee tabletten paracetamol. Het is belangrijk om deze in te nemen, ook als u geen pijn heeft. De 2e of 3e dag na de operatie zullen we stoppen me de pijnstilling via de epidurale katheter.

Door de operatie en uw opname in het ziekenhuis heeft u een hogere kans op bloedstolsels (trombose). Om te voorkomen dat u bloedstolsels krijgt, geven we u dagelijks een injectie met een bloedverdunnend middel.

De epidurale katheter kan ervoor zorgen dat de blaas niet goed werkt. Daarom brengen we tijdens de operatie een slangetje in de blaas aan, waar de urine door wegstroomt. Als we de epidurale katheter verwijderen, halen we ook direct het slangtje uit uw blaas.

Eten en drinken


food3


U mag weer wat eten en drinken als u terug bent op de verpleegafdeling. Dit is goed voor de werking van uw darmen en heeft geen extra risico’s. U mag steeds grotere hoeveelheden eten. De verpleegkundige (en de diëtist) zullen u hierbij helpen.


Als u weer terug bent op de verpleegafdeling kunt u direct beginnen met het kauwen van kauwgum. Dit geeft een lekkere smaak in uw mond en helpt uw darmen weer op gang te komen. Wij adviseren u om de dagen na de operatie 3 keer per dag 30 minuten kauwgum te kauwen tot uw darmen op gang zijn gekomen. Daarnaast helpt het drinken van koffie ook om uw darmen op gang te laten komen.

Beweging


move3
Na de operatie moet u zo snel mogelijk gaan bewegen. Eerst met de begeleiding van een verpleegkundige en later zelfstandig.
Als u terug bent op de verpleegafdeling, mag u proberen op de rand van het bed te gaan zitten. De dagen na de operatie breiden we het bewegen steeds verder uit. Snel weer beginnen met bewegen na een operatie is erg belangrijk voor een vlot herstel na een grote buikoperatie. Als het nodig is zal de fysiotherapeut u helpen bij het bewegen.

Ademhalingsoefeningen

breathe2
Het is belangrijk dat u ademhalingsoefeningen blijft uitvoeren tijdens uw opname. De oefeningen vindt u onder Voor de operatie: kopje Ademhalingsoefeningen.




Naar huis


Afhankelijk van de operatie, uw conditie en de genezing blijft u ongeveer 5 dagen in het ziekenhuis. De beslissing of u naar huis mag, maakt de dienstdoende zaalarts en de gynaecoloog. We overleggen dit altijd met u.

Contact


Heeft u nog vragen? Dan kunt u contact met ons opnemen via:

Tijdens kantooruren (09:00-17:00):
Buiten kantooruren, met spoed:



Foldernummer: 0000765-03_21


Deze website maakt gebruik van cookies. Lees onze cookieverklaring .
Gezien